Volgende regering staat voor gevraagde verdubbeling van de uitgaven voor defensie

03.05.2019 0 246

Soldaten schieten tijdens een oefening

De volgende minister van Defensie krijgt geen gemakkelijke klus te klaren. Onder druk van de NAVO en de VS moet ons land tijdens de komende regeerperiode zijn uitgaven voor defensie zien te verdubbelen. De verjonging van het leger wordt een tweede grote uitdaging.

Defensie was decennialang een besparingspost. De regering-Michel heeft die tendens kunnen ombuigen. De voorbije jaren zijn 34 nieuwe jachtvliegtuigen (de F-35′s, goed voor 3,5 miljard euro), 442 pantservoertuigen (1,5 miljard euro), zes mijnenjagers (één miljard) en vier verkenningsdrones (226 miljoen) aangekocht. De komende jaren komen daar nog twee fregatten bij.

De facturen voor die aankopen zijn voor de volgende regering(en). De F-35′s bijvoorbeeld worden pas vanaf eind 2023 geleverd, net als de nieuwe mijnenjagers. Het defensiebudget moet daarom geleidelijk omhoog. In de “strategische visie” die in 2016 is goedgekeurd, zou het budget, nu goed voor 0,93% van het bbp, tegen 2030 moeten stijgen tot 1,3% van het bbp. Her en der gaan er stemmen op om die verhoging te versnellen.

De legertop heeft intussen zelf berekend hoeveel middelen het leger de komende jaren nodig heeft. Volgens een intern document van de generale staf, waarover de kranten De Tijd en L’Echo berichtten, zou er de volgende legislatuur twee miljard euro extra nodig zijn: een miljard voor de afbetaling van de nieuwe aankopen en een miljard om de infrastructuur aan te passen aan dat materiaal en voor het personeel. Het leger moet de komende vijf jaar 10.000 nieuwe mensen rekruteren en moet zich dus als een aantrekkelijke werkgever kunnen voorstellen.