Stijn Swijns (Kamp Waes): ‘Of ik ooit echt in gevaar ben geweest, doet er niet toe'

01.02.2020 0 31483

Stijn Swijns, de special forces operator uit Kamp Waes
Termonia

Hij was een drop-out die carrière maakte bij de elitetroepen van Defensie. Vandaag is Stijn Swins coach en wil hij CEO’s ninjaskills aanleren. Ontbijt met De Tijd.

We hebben afgesproken bij een brasserie aan de E313. Maar als Stijn Swijns (31) arriveert, wil hij ergens anders heen. ‘Net als bij een opdracht’, zegt hij, met een knipoog naar ‘Kamp Waes’, het Eén-programma waarin gewone stervelingen een opleiding krijgen van de Special Forces, het elitekorps van Defensie. Nooit weten ze hoe hun dag eruitziet of wanneer de volgende opgave - van een nachtelijke oriëntatieloop tot een boksmatch met een professionele sparringpartner - eraan komt.

Net als ik begin te vrezen dat Swijns me uit zijn bruine camionette gaat droppen met een beduimelde kaart en de boodschap zelf de weg te zoeken, komen we bij een groot rustiek pand in de velden. Een kennis baat er de bed and breakfast O Lit uit. ‘Hier zitten we rustiger, en met een beter uitzicht.’

De tafel is mooi gedekt. Op de achtergrond klinkt klassieke muziek. De ontberingen van ‘Kamp Waes’ lijken ver weg. Ook Swijns is amper herkenbaar. Hij heeft zijn kaki shirt met stoere print - ‘Who dares wins’, weet de trouwe kijker - geruild voor een zandkleurige coltrui op een wollen, grijs gespikkelde broek en bleke leren schoenen met een gesp.

Swijns is een nieuw leven begonnen. Na acht jaar bij de Special Forces wordt hij ondernemer. Hij is bezig met de oprichting van het coachingbedrijf Mission Me, met Herculean Alliance als minderheidsaandeelhouder, een bedrijf uit de stal van marketinggroep Duval Union dat inzet op coaching en programma’s voor bedrijven. Swijns is het gezicht van Mission Me, al hoort hij dat niet graag. ‘Het is geen onemanshow.’ Drie mensen met ervaring bij de Special Forces werken mee het inhoudelijke programma uit: een psychologe die onder meer F-16-piloten begeleidt, een strateeg en een ex-operator.

Behalve CEO’s en bedrijven gaat Swijns ook jongeren begeleiden. In de krokusvakantie vindt het eerste tienerkamp al plaats. ‘Net als veel volwassenen weten veel jongeren niet wat ze willen. Ze worstelen. Bij ons krijgen ze weerbaarheidstraining en stressbeheersing. We werken op groepscohesie.’ De smartphones gaan een week uit. Swijns gelooft in het effect van de digitale detox voor een generatie die vergroeid is met haar telefoon. ‘Leg die gsm neer en je begint vanzelf te praten.’

De interesse is groot. ‘Ik krijg veel reacties van ouders die zeggen dat ze hun kind onmiddellijk willen inschrijven. Ik denk dat we met deze kampen inspelen op een gemis in het onderwijs. Ik weet het, want ik heb het zelf meegemaakt.’

Hij vraagt een koffie - ‘gewoon zwart’ - en vertelt dat hij zich op zijn 19de meldde bij Defensie. ‘Als kind droomde ik ervan dierenarts te worden, maar ik studeerde niet en zakte voor alle theorie. Na mijn vijfde jaar in het college werd ik vriendelijk verzocht andere oorden op te zoeken. Ik heb nog even sportschool gedaan, maar daar ging het van kwaad naar erger.’

Als lid van de scouts en met een oom bij de para’s was de stap naar Defensie niet groot. Hij werd drie jaar gedrild volgens de wetten van ‘control and command’, zwijgen en luisteren. Het is de aanpak die in de eerste sessies van ‘Kamp Waes’ wordt toegepast, en die in de coachingwereld meewarig wordt bekeken. Deelnemer David, manager bij de hr-dienstenleverancier SD Worx, kwam op een bepaald moment zelfs in opstand. ‘Dit is de reden dat ze bij Defensie geen volk meer vinden.’

Wil om te slagen

‘Bij de start van de training hebben de kandidaten geen kennis van zaken. Dan moet je kort sturen’, repliceert Swijns. ‘Het doel is niet hen af te breken, maar hen snel te laten leren. Ik zou het nu ook lastig hebben met die aanpak. Maar er zijn veel geledingen van Defensie die zo werken, en het heeft me voor een stuk gemaakt tot de man die ik nu ben. Je leert je snel aan te passen aan uiteenlopende situaties. Maar het is ook de belangrijkste reden dat ik van para voor de Special Forces wilde gaan, waar alles draait om zelfontwikkeling en teamwerk: informatie delen, brainstormen, plannen, eigen keuzes maken.’

De Special Forces - ze zijn met 140, er is tot nog toe geen enkele vrouw voor de fysieke proeven geslaagd - gaan er prat op dat maar 2 procent van de bevolking in aanmerking komt voor hun job. ‘Er is plaats voor verschillende persoonlijkheden. Maar er kan maar één mentaliteit zijn: je moet de onvoorwaardelijke wil hebben te slagen in alles wat je doet.’

De vraag is hoe inzichten op basis van ‘de 2 procent’ zinvol zijn voor kantoorwerkers en leidinggevenden die niet door een survival of the fittest zijn geselecteerd. Swijns begint over weerbaarheid, stressbeheersing, het belang van een goede voorbereiding. ‘Het belangrijkste aspect van een prestatie is mentaal. We kunnen ervoor zorgen dat leidinggevenden 5 à 10 procent extra kunnen presteren, of leren toeleven naar een moment dat ze moeten pieken. Of hun angsten overwinnen.’

Moeten CEO’s van een brug in het water gaan springen?’ Swijns lacht. ‘Nee, hoor. Maar ik hoor nu al geregeld dat leidinggevenden moeite hebben met spreken voor een groep. Dat heeft ons echt verbaasd. Of met het brengen van slecht nieuws, of het aanspreken van mensen op gedrag. Daar kunnen wij helpen.’

Vertellen doet hij afgemeten. Antwoorden beperkt hij tot de essentie. Hij zegt dingen als: ‘Een goede voorbereiding is alles.’ En: ‘Zonder communicatie ben je niets.’ En nog: ‘Niemand maakt nooit fouten.’ Hij houdt zich ver van politieke uitspraken. Alles blijft feitelijk en sec.

Hij ging op missie in Niger en in Irak, weet als medic hoe je schotwonden afbindt om levens te redden en kan een luchtpijp doorboren om een slachtoffer te redden van verstikking. Maar hij wil niet zeggen of hij tijdens zijn job ooit het gevoel heeft gehad dat hij in gevaar was. ‘Gevaar is relatief, planning is cruciaal. We maken een risicoanalyse en overlopen alle scenario’s. Of ik echt in gevaar ben geweest, doet er niet toe. Veel mensen vragen of ik iemand heb doodgeschoten, maar dat is niet relevant. Elke agent, elke militair weet dat hij in het slechtst mogelijke geval iemand moet doodschieten. Je moet het kunnen, ja. Het is geen spel.’

Hij kondigde een jaar geleden al zijn afscheid bij de Special Forces aan. Daarom zijn hij en zijn collega Fly - die niet meer op buitenlandse missie gaat - de enige operatoren die herkenbaar in beeld komen. ‘Kamp Waes’ trekt bijna 2 miljoen kijkers. Meer dan 150.000 mensen schreven zich in voor de conditietraining ‘Start to Kamp Waes’. Swijns staat te kijken van het succes. ‘De mythe rond de Special Forces zal wel meespelen, en ‘Kamp Waes’ is een intens verhaal.’

No-nonsense

Swijns moet nog wennen aan zijn status als BV. Hij heeft presentator Tom Waes gebeld om advies. ‘Ik wist niet goed hoe ik moest reageren als ik op straat word herkend. Ik heb jaren onder de radar geleefd, nu word ik overal herkend.’ Hij krijgt vragen voor actes de présence in discotheken en voor selfies op straat. Dat weigert hij beleefd. ‘Als ik uitleg waarom, snappen ze het wel. Ik heb niet meegedaan om bekend te worden, maar om Defensie meer rekruten te bezorgen. Want er zijn er veel te weinig.’

Defensie heeft een gigantisch imagoprobleem: ambtelijk, ondergefinancierd, obees en ouderwets. In ‘Kamp Waes’ leert de Vlaming een ander leger kennen: fysiek in topvorm, stoïcijns van geest en met de skills van een ninja. En toch ziet Defensie nog geen extra interesse, nieuwe rekruten levert het programma voorlopig niet op. Swijns zegt dat hij ideeën heeft over waar het beter kan bij Defensie, maar hij vindt het geen goed idee ze hier uit te spreken. ‘Ik heb hierover gebeld met generaal Thijs, crisismanager voor Defensie.’

Swijns neemt nog een klein chocoladebroodje en eet het rustig op. In zijn dieet is hij even no-nonsense als in zijn discours. ‘Ik weet dat sommige gezondheidsfreaks fanatiek met eten bezig zijn. Prima, ieder z’n ding. Maar ik hou me er niet echt mee bezig. Ik ben net op skivakantie geweest. Dan drink ik ook een pint.’

‘Bij de Special Forces draait alles om mentale weerbaarheid. Dat is wat mensen aanspreekt, denk ik. Op skivakantie zei iemand van de groep dat zij na de vakantie op dieet ging: shakes, extreme dingen. Maar dat hoeft toch helemaal niet? Je moet gewoon elke maaltijd een beetje minder eten. Het is heel simpel.’

De grootste verandering in zijn leven als burger is de regelmaat. ‘Ik heb jarenlang extreem onregelmatig geleefd. Je kan telefoon krijgen en enkele uren later in het vliegtuig zitten. Sommige opdrachten kunnen alleen ’s nachts en observaties kunnen dagenlang duren. Maar een lichaam went aan weinig slaap. Je begint met acht uur en de volgende dag slaap je een halfuur minder. Zo bouw je af.’

Als vader van een kindje van vier maanden - zijn tweede - zijn de nachten tegenwoordig ook kort en onregelmatig. ‘Op dit moment ben ik in mijn hoofd vooral bezig met mijn bedrijf. Mijn beste ideeën krijg ik ’s morgens tijdens het lopen, of ’s nachts. Het gebeurt dat ik om 3 uur mijn laptop neem en begin te werken, anders ben ik het kwijt.’

Na bijna twee uur praten pakt Swijns zijn tablet. ‘Ik wil zeker weten dat ik alles heb gezegd wat ik wilde vertellen’, en staat op uit zijn stoel. Hij maakt een grimas. ‘Zo lang zitten, dat ben ik nog niet gewend.’